Empyeem: infectie van de borstkasholte
Een longontsteking bij kinderen is niet ongewoon. Ze leidt evenwel zelden tot complicaties. Bij ernstige infecties of als de infectie lang aansleept, kan zich ontstekingsvocht, en in een latere fase etter, ophopen in de pleuraholte rond de aangetaste long. Dan spreken we van empyeem.
Symptomen van empyeem zijn koorts, rillingen, nachtzweten, kortademigheid en pijn ter hoogte van de borstkas. Patiënten zijn vaak ook vermoeid en hebben weinig eetlust.
Bij empyeem behandelen we de infectie met antibiotica en draineren we het geïnfecteerde vocht. Daarvoor plaatsen we bij kinderen bij voorkeur een pigtail of een thoraxdrain. Als die behandeling onvoldoende blijkt, kunnen we een thoracoscopie of kijkoperatie uitvoeren. Dat gebeurt onder volledige verdoving. Na de ingreep blijft de thoraxdrain enkele dagen ter plaatse om nieuw ontstekingsvocht te draineren. Jouw kind verblijft dan meestal op Intensieve zorg. Daar zal de thoraxdrain zodra dat kan onder sedatie verwijderd worden.
Aangeboren longafwijkingen
Bij een aangeboren longaandoening ging tijdens de zwangerschap iets mis bij de aanleg van de longen. Een longafwijking kan grote gevolgen hebben voor de groei en ontwikkeling van de baby.
Aandoeningen die we behandelen zijn:
- Congenitale pulmonale airway malformatie (CPAM): aangeboren cysteuze longziekte, aangeboren pulmonale luchtwegafwijking.
Dit is een zeldzame aangeboren longaandoening waarbij holtes in het longweefsel zitten. Die holtes kunnen vocht of verhard weefsel bevatten. De diagnose valt vaak bij een prenatale echografie. In de meeste gevallen volstaat strikte opvolging en zal het weefsel in het tweede en derde trimester van de zwangerschap spontaan krimpen. Soms verdrukt het evenwel het normale longweefsel waardoor de longen zich onvoldoende kunnen ontwikkelen. Dat kan na de geboorte ademhalingsproblemen veroorzaken. - Bronchopulmonale sekwester: aangeboren longsekwester
Dit is een zeldzame aandoening waarbij een deel van het longweefsel niet verbonden is met de luchtwegen en bloed toegevoerd krijgt uit de aorta, de grote slagader in de borstholte. Lonqsekwesters veroorzaken zelden problemen rond de geboorte. Omdat ze de kans op infecties of hartproblemen op langere termijn vergroten, worden ze meestal heelkundig verwijderd. - Congenitaal lobair emfyseem
Bij congenitaal lobair emfyseem kan er wel lucht de long in, maar er niet goed weer uit. Daardoor neemt de aangetaste longkwab in volume toe en verdrukt ze de gezonde long. Congenitaal emfyseem doet zich meestal maar in één longkwab en slechts in één van de longen voor. De ernst van de klachten verschilt van persoon tot persoon. Meestal wordt de aandoening ontdekt bij de geboorte, maar soms ook pas later in de kindertijd.
De behandeling van een aangeboren longafwijking heeft als doel de longfunctie zo goed mogelijk te herstellen en complicaties te voorkomen. Of een chirurgische behandeling aangewezen is, evalueren we op een multidisciplinair overleg. Als we afwijkend longweefsel wegnemen, ontstaat meer ruimte voor het gezonde longweefsel om zich verder te ontwikkelen en verkleint het risico op complicaties. Een operatie gebeurt meestal via een incisie in de borstkas (thoracotomie). Soms kunnen we het afwijkende longweefsel via een kijkoperatie (VATS) verwijderen.
Tracheomalacie
Lees meer over tracheomalacie.