Onderzoeken vooraf
Je behandelend arts bespreekt met het multidisciplinaire team en met jou welke onderzoeken nodig zijn om de diagnose te kunnen stellen en een behandelplan op maat te kunnen opstellen. Voor welke onderzoeken en behandelingen we kiezen, hangt behalve van de aandoening ook af van o.a. je conditie en leeftijd.
Meestal zijn een radiografie of CT-scan van de borstkas, een bloedafname en een elektrocardiogram nodig. Soms zijn aanvullend een bronchoscopie, een longfunctietest (blaastest of spirometrie), een inspanningstest (fietsproef) en een echografie van het hart vereist.
Hoe beter jouw conditie, hoe groter de kans dat je de operatie goed doorstaat. Als voorbereiding op de operatie kan je heel wat doen om jouw conditie te verbeteren. Als je rookt is de eerste en belangrijkste stap dat je daarmee stopt. Stoppen met roken heeft al snel een duidelijk effect en is daarom altijd zinvol. Verder is het goed om in de weken voor de operatie regelmatig te bewegen. Als je daar moeilijk in slaagt, kan de chirurg of de longarts kinesitherapie voorschrijven om jouw conditie en ademhaling voor de ingreep te verbeteren.
Meer info in de folder Ademhalingsoefeningen bij long- en thoracale heelkunde (228.96 KB) "pdf".
Opname
- Je wordt een dag voor de operatie in het ziekenhuis opgenomen. De poliklinische voorbereiding en de nodige onderzoeken bepalen hoeveel tijd nodig is om jou voor te bereiden op de operatie.
- De kinesitherapeut van de afdeling komt langs om je ademhalingsoefeningen en hoesttechnieken aan te leren, en toont je ook hoe je de Coach 2® incentive-spirometer gebruikt voor je ademhalingsoefeningen. Zo kan je dat na de ingreep zo snel mogelijk zelfstandig doen.
- De chirurg en anesthesist komen langs en bespreken de operatie met jou, en de verschillende mogelijkheden voor pijnstilling tijdens en na de ingreep. Aarzel niet om hen je vragen te stellen.
Operatie
- Voor ingrepen onder volledige narcose moet je nuchter zijn: dat betekent dat je enige tijd vooraf niet meer gegeten en gedronken hebt.
- Afhankelijk van de indicatie voor de operatie hanteren we verschillende operatietechnieken (kijkoperatie, open ingreep). Voor welke techniek de chirurg kiest, hangt van een aantal factoren af die we voor de operatie met jou bespreken.
Na de operatie
Onmiddellijk na de operatie maken we je wakker en brengen we je naar de ontwaakzaal: de PAZA of Post-anesthesie zorgafdeling. Daar bewaken verpleegkundigen continu je bloeddruk, hartritme, ademhaling en zuurstofsaturatie. We stemmen de pijnstilling zo goed mogelijk af op jouw persoonlijke behoefte.
De kinesitherapeuten helpen je om de ademhalingstherapie toe te passen. Je kan meestal de dag van de operatie terug naar de verpleegafdeling.
Pijnstilling
Na de ingreep besteden we veel aandacht aan een goede pijnstilling, want pijn bemoeilijkt ademhalen en slijmen ophoesten. Daardoor kunnen slijmproppen in de luchtwegen achterblijven, ontplooien de longen zich niet goed en neemt de kans op complicaties zoals een longontsteking toe.
We stemmen de pijnstilling zo goed mogelijk af op jouw noden. We kunnen kiezen voor pillen, intraveneuze toediening en soms ook voor een pijnpomp.
Thoraxdrain
Als je een thoraxdrain hebt, kunnen we die verwijderen op voorwaarde dat er geen lucht lekt en nog maar een beperkte hoeveelheid vocht gedraineerd wordt. Nadat we de thoraxdrain verwijderd hebben, maken we nog een longfoto.
Bewegen
Na thoracale heelkunde is het heel belangrijk om zo snel mogelijk opnieuw te bewegen. Bewegen vermindert de kans op complicaties, zoals een longontsteking, en versnelt het herstel. Jouw motivatie is daarbij cruciaal. We doen ons best om jou zo goed mogelijk te begeleiden.
Mogelijke complicaties
Bij elke operatie kunnen onbedoeld complicaties optreden. Mogelijke complicaties zijn o.a. wondinfectie, trombose (bloedstolsels), longembolie (een bloedstolsel in de longvaten), bloedingen en beschadiging van organen of zenuwen. We nemen maatregelen om die complicaties te voorkomen, dus de kans dat ze zich voordoen is niet zo groot.
Meer specifieke complicaties die kunnen optreden bij ingrepen in de borstkas zijn onder andere:
- Luchtweginfecties: na een thoraxingreep ben je er vatbaarder voor, o.a. door slijm dat in de longen achterblijft. Een deel van de luchtweg kan verstoppen door een slijmprop (atelectase). Meestal is dat te verhelpen met ademhalingsoefeningen. Soms verwijderen we de slijmprop met een flexibele kijkslang (bronchoscopie).
- Aanhoudende luchtlekkage: de eerste dagen na een longresectie lekt vaak nog wat lucht uit het overblijvende longweefsel. Houdt de luchtlekkage langer dan 7 dagen aan, dan is sprake van een langdurig luchtlek. Dat is geen ernstige maar wel een vervelende complicatie omdat je daardoor langer in het ziekenhuis moet blijven. In uitzonderlijke gevallen moeten we dan opnieuw opereren om het lekken te stoppen.
Ontslag
Je mag het ziekenhuis verlaten als de thoraxdrain verwijderd is, de longfoto goed is, je voldoende kan bewegen en de pijn onder controle is met medicatie. Bij ontslag uit het ziekenhuis zal je voldoende hersteld zijn om je dagelijkse activiteiten te hervatten.
Nazorg
Hechtingen en wonden
We sluiten de operatiewondjes met oplosbare hechtingen. De hechtingen lossen dus spontaan op en moeten niet verwijderd worden. De hechtingen van de thoraxdrain mogen een tiental dagen na ontslag door de huisarts of thuisverpleegkundige verwijderd worden.
Herstel van je conditie
Het is belangrijk om thuis je conditie te herstellen. Dat kan je doen door dagelijks te gaan wandelen of te fietsen op een hometrainer. In het begin kan je bij inspanning kortademig en snel moe worden. Die klachten nemen geleidelijk af naarmate je jouw activiteiten opdrijft. Waar je wel en niet toe in staat bent na de operatie is uiteraard afhankelijk van jouw conditie vóór de operatie en van de ingreep die je onderging. Probeer zo snel mogelijk weer in je oude ritme te komen en inspanning en ontspanning zo goed mogelijk af te wisselen.
Herstellen van een longoperatie kan normaal gezien zonder kinesitherapie. De ademhalingsoefeningen die je van de kinesitherapeut in het ziekenhuis hebt geleerd, kan je tijdens jouw herstelperiode thuis verderzetten. Voel je jou onzeker bij je herstel thuis, bespreek het dan zeker met je arts.