De lever is een belangrijk orgaan in ons lichaam. Hij heeft een zeer goede doorbloeding: een groot deel van het hartdebiet gaat naar de lever. Het orgaan heeft een belangrijke invloed op ons metabolisme en op de afbraak van stoffen.
Dat maakt leverchirurgie complex, zowel voor de chirurg als voor de anesthesist. Ingrepen kunnen bloedingen veroorzaken en kunnen een effect hebben op andere organen, zoals het hart en de nieren. De anesthesist zorgt er in de eerste plaats voor dat deze organen tijdens de ingreep blijven functioneren. Daarvoor zijn bijkomende katheters nodig. Om het bloedverlies zo veel mogelijk te beperken, worden speciale technieken (acute normovolemische hemodilutie) en medicatie (zoals tranexaminezuur) gebruikt.
Kijkoperatie
Steeds meer ingrepen aan de lever gebeuren via een kijkoperatie (laparoscopie). De buik wordt eerst opgeblazen met gas (CO2), zodat de chirurg via een camera in de buik de ingreep kan uitvoeren. Die ingreep is technisch zeer uitdagend. Het opblazen van de buik beïnvloedt het functioneren van andere organen zoals het hart, de longen en de nieren. Daarom houdt de anesthesist ze nauwlettend in het oog.
Het UZ Gent is een pionier in de techniek van de kijkoperatie en heeft de voorbije jaren veel ervaring opgebouwd, zowel bij chirurgen als anesthesisten. In het UZ gebeurt ook wetenschappelijk onderzoek naar nieuwe technieken om de leverchirurgie te verbeteren.