Een PET-scan geeft informatie over het metabolisme van organen en weefsels. Het onderzoek wordt uitgevoerd met een radioactief gemerkt product en geeft ons inzicht in de werking van de weefsels en organen in je lichaam.
De PET-scan wordt gecombineerd met een CT-scan. Die belicht de structuur van de weefsels en organen en geeft een goed zicht op de plaats(en) in het lichaam waar de werking van de weefsels en organen bestudeerd wordt. Voor de CT-scan krijg je een contrastmiddel toegediend.
Verloop van het onderzoek
Voor het onderzoek
- Je moet 6 uur nuchter zijn voor het onderzoek, tenzij je suikerziekte hebt. Je mag dus geen vast voedsel eten of suikerhoudende dranken drinken. Je medicatie neem je wel zoals je gewend bent
- Als je suikerziekte hebt, moet je je dieet naleven en enkele medicatierichtlijnen volgen. Je arts zal dat met jou bespreken
- Voor het onderzoek moet je een liter water drinken
- Doe geen grote fysieke inspanningen op de dag voor en de dag van het onderzoek
- Kleine kinderen en zwangere vrouwen komen beter niet mee naar het onderzoek
Tijdens het onderzoek
- Bij de start van het onderzoek krijg je een infuus. Dat blijft de hele tijd zitten
- Je krijgt via het infuus een kleine hoeveelheid radioactief product ingespoten. De inwerkduur hangt af van het soort onderzoek
- Daarna maken we een CT-scan. Indien nodig krijg je daarbij contraststof toegediend via het infuus
- Je mag tijdens het onderzoek niet lezen en je moet zo rustig mogelijk blijven liggen of zitten
- Het is belangrijk dat je geen kou krijgt tijdens het wachten. Breng warme, losse kleding mee: liefst een kamerjas of training zonder metalen knopen of ritssluitingen. Sieraden en metalen voorwerpen kunnen het beeld verstoren en laat je beter thuis
- Het onderzoek duurt twee tot vier uur
Na het onderzoek
Je mag opnieuw je normale dagelijkse bezigheden opnemen. De gebruikte hoeveelheid radioactiviteit is zo laag dat de Belgische wetgeving geen specifieke voorzorgsmaatregelen voorschrijft
De resultaten
De arts van de afdeling Nucleaire geneeskunde bestudeert de opnames nauwkeurig, maakt een verslag op en stuurt dat naar jouw behandelend arts. Je arts zal de resultaten met jou bespreken op de geplande consultatie.