Wat is het ventrikel septum defect?
Het ventrikel septum is het tussenschot tussen de linker- en rechterkamer van het hart. Een ventrikel septum defect (VSD) wijst op een abnormale opening in dit tussenschot.
De plaats en de grootte van het VSD kunnen verschillen. Doordat de druk in de linkerhartkamer hoger is dan in het rechtergedeelte van het hart, kan er bloed naar de rechterhartkamer stromen en vervolgens opnieuw naar de longen. Die extra stroom aan bloed is belastend voor het hart en de longen.
Behandeling
Het is niet altijd nodig om een VSD te behandelen. Ongeveer de helft van de VSD’s sluit spontaan, meestal op kinderleeftijd. Als een behandeling toch nodig is, zijn er twee opties: een sluiting door een interventie via de lies of door een hartoperatie. De techniek is afhankelijk van de grootte en de locatie.
Interventie via de lies
Een interventie via de lies wordt ook wel een percutane sluiting genoemd. De opening wordt afgesloten met een sluitstuk, een soort kleine paraplu.
- Via een katheter of hol buisje wordt een dichtgevouwen dubbele paraplu tot in het hart gebracht.
- Daarna wordt de dubbele paraplu aan beide zijden van de opening opengevouwen, waardoor het VSD afgesloten wordt.
Om deze techniek te kunnen toepassen, moet er voldoende weefsel rond de opening aanwezig zijn, want de paraplu moet daarop kunnen steunen.
Het voordeel van een percutane sluiting is het relatief korte en vlotte herstel. Meestal moet je maar één nacht in het ziekenhuis blijven. Thuis mag je minstens een week geen zware lasten tillen, niet fietsen en niet intensief sporten.
Hartoperatie
Een groot VSD wordt meestal gesloten via een hartoperatie.
- Om bij het hart te komen, moet de borstkas geopend worden.
- De hartchirurg sluit het VSD dan met hechtingen.
- Als de opening (te) groot is, wordt een patch gebruikt om ze te dichten. Dat lapje is synthetisch of bestaat uit eigen hartvlies (pericard).
Bij een hartoperatie duurt het herstel langer en is het intensiever dan bij een sluiting via de lies.
Toekomstperspectief
De meeste mensen met een VSD ondervinden geen grote problemen. Je blijft wel het best onder medische controle. Er is immers een verhoogd risico dat je later ritmestoornissen ontwikkelt.
Als je toestand stabiel is, adviseren we je om je minstens één keer per twee jaar te laten onderzoeken door je cardioloog. Bij kleinere VSD`s is een controle om de drie tot vijf jaar voldoende.
Uiteraard is het nodig om vaker naar je cardioloog te gaan als er bijvoorbeeld tekenen zijn van overbelasting van het hart of bij klachten zoals hartkloppingen, kortademigheid, vermoeidheid of dikke voeten.