Bij een arthrografie injecteren we een contrastmiddel of medicatie rechtstreeks in een gewricht– knie, schouder, enkel, enzovoort. De contraststof zorgt ervoor dat de beelden van de MRI- of CT-scan duidelijker zijn. Omdat we de contraststof op de exacte locatie moeten inspuiten, doen we dat onder beeldvorming (röntgenstralen) of radioscopie.
Een arthrografie kan enkel op verwijzing en op afspraak.
De procedure
Een arthrografie vindt plaats op de afdeling Conventionele radiologie.
- U gaat op een onderzoekstafel liggen. De verpleegkundige of technoloog zorgt ervoor dat u in de juiste houding ligt voor de injectie. Dat is meestal op de rug. Voor een arthrografie van de pols of ellenboog ligt u op de buik, een arthrografie van de enkel kan in rug- of zijlig.
- De radioloog prikt het gewricht aan met een naald en injecteert zo de contraststof en de eventuele medicatie in het gewricht.
- Een arts, verpleegkundige of technoloog blijft het hele onderzoek bij u. U kan bij hen terecht met eventuele vragen of opmerkingen.
Na de inspuiting begeleidt een verpleegkundige of technoloog u naar de wachtzaal van de CT- of MR-afdeling.