Principe
De sentinelnode (SN of schildwachtklier) is de eerste lymfeklier in een lymfatisch drainagetraject van een maligne tumor. Lymfogene metastasering vindt eerst in de sentinelklier plaats en later eventueel in verder gelegen klieren. Een tumorvrije sentinelklier toont dus met hoge waarschijnlijkheid aan dat er geen lymfogene metastasen zijn. Sentinelklierdetectie is daarom in de plaats gekomen van de diagnostische lymfeklierdissectie.
De lymfeafvloed wordt opgespoord met behulp van radioactief gelabelde aggregaten van menselijk albumine. Die hebben de vorm van colloïdale deeltje met een afmeting tussen de 10 en 100 nanometer. Dit is een optimale afmeting voor lymfetransport en retentie in de lymfevaten. Grotere deeltjes blijven in de injectieplaats achter, kleinere deeltje (zoals veel kleurstoffen) blijven niet achter.
Indicaties
Bepaling van de locoregionale lymfeklierstatus bij:
- borstcarcinoom
- melanoom
- orofarynxcarcinoom
- vulvacarcinoom
- peniscarcinoom
- cervixcarcinoom
Niet alle stadia van de tumor zijn aangewezen voor een staging met sentineldetectie. Grotere en multifocale tumoren zijn bv. minder geschikt gezien eventuele pathofysiologisch ongunstige veranderingen.
Aanvraag
Aanvraagformulier Sentinelklierdetectie
Het is heel belangrijk om bij de aanvraag te vermelden waar de tumor precies ligt of lag.
Voorbereiding
- De patiënt hoeft niet nuchter te zijn.
- Medicatie mag verder worden ingenomen.
Verloop van het onderzoek
- Na de injectie moet de patiënt warm gehouden worden omdat anders het lymfetransport tot stilstand komt.
- Het is nuttig dat de patiënt de injectieplaats zacht masseert om het lymfetransport te stimuleren.
- De manier van injecteren verschilt van tumor tot tumor. De plaats van injectie moet altijd representatief zijn: een simulatie van het traject dat de lymfekliermetastase aflegt. Voor en huidtumor is dat intracutaan. Voor een dieper gelegen tumor zoals bv. een cervixtumor is dat ter hoogte van de cervix. Standaard worden in deze gevallen dynamische scans gemaakt naar alle mogelijke lymfeklierstations. Tomografisch SPECT/CT-onderzoek is meestal niet nodig. Na afloop wordt de projectie van de gedetecteerde sentinelklier op de huid gemarkeerd.
- Bij een borstcarcinoom zijn er aanwijzingen dat een diepe injectie in het borstweefsel niet verschilt van een oppervlakkige subcutane injectie, intradermaal of zelfs intracutaan in het zelfde kwadrant of uur. In het UZ Gent gebruiken we gebruiken we een peritumorale injectie in 2-4 depots rond de tumor. Tot 2 uur na de injectie op de dag voor de operatie (tweedaags protocol) maken we standaard planaire beelden van de borst.
- Als er een parasternale drainage wordt vastgesteld, meestal bij diepgelegen en/of mediale tumoren, wordt een tomografisch SPECT/CT-onderzoek gedaan om de mediale spots precies te lokaliseren.
Bijwerkingen en veiligheid
Hypersensitiviteitsreacties op albumine zijn mogelijk maar uitzonderlijk.
Technetium-99m vervalt met een halfwaardetijd van 6 uur. Na één dag is er dus nog nauwelijks radioactiviteit in het lichaam aanwezig. De gebruikte dosissen zijn laag en houden geen gevaar in.
Verslag en beelden
Het verslag vermeldt de inspuitplaats, lokalisaties van de sentinelklieren, eventueel satelliet- of tweede echelonklieren, onverwachte of ectopische lokalisaties, en eventuele tomografische beelden.