Lopende studies

Als universitair centrum investeert de Vrouwenkliniek veel in wetenschappelijk onderzoek. Hieronder vindt u een overzicht van de lopende studies van de verschillende afdelingen. Het overzicht met lopende studies van de afdeling Reproductieve geneeskunde vindt u hier.

Afdeling Gynaecologie (algemene gynaecologie)

Afdeling Gynaecologie (chirurgie)

Afdeling Gynaecologie en Verloskunde (oncologie)

Afdeling verloskunde

Zorgcentrum na seksueel geweld

Afdeling Gynaecologie (algemene gynaecologie)

Klinische studie bij vrouwen met menopauzale klachten door hormonale medicatie voor de behandeling van borstkanker of door de menopauze

In deze studie willen we nagaan of opvliegers als gevolg van de hormonale behandeling van borstkanker of als gevolg van de menopauze verminderen na inname van het voedingssupplement PCC-100 (PCC-100 is geen geneesmiddel). Momenteel is er voor de groep patiënten met een voorgeschiedenis van borstkanker geen behandeling voorhanden om het aantal opvliegers te verminderen. Deze studie kan op dat vlak een belangrijke bijdrage leveren.

Wie komt in aanmerking?

Vrouwen tussen de 50 en 65 jaar die:

  • last hebben van ernstige opvliegers;
  • OFWEL een voorgeschiedenis hebben van borstkanker en sinds min. 4 weken aromatase-inhibitoren of tamoxifen nemen OFWEL geen voorgeschiedenis van borstkanker hebben en in goede gezondheid zijn;
  • geen menstruatie gedurende min. 6 opeenvolgende maanden in combinatie met een bloedonderzoek dat wijst op menopauze OF geen menstruatie gedurende min. 12 opeenvolgende maanden of wegname van beide eierstokken min. 6 weken geleden;
  • geen depressie of posttraumatische stressstoornis gehad in de laatste 2 jaar. Het gebruik van antidepressiva moet kort voor de studie gestopt worden.

Duur studie

11 à 13 weken met in het totaal 3 à 4 bezoeken aan het ziekenhuis.

Vergoeding

Gratis voedingssupplement + parkeerticket per bezoek aan het ziekenhuis

Contact

Neem voor meer informatie over deze studie contact op met het studieteam van de afdeling Gynaecologie via tel. 09 332 07 58 of gynobs.studies@uzgent.be

Klinische studie bij vrouwen die willen bijdragen aan het onderzoek naar Alzheimer

Deze studie onderzoekt het metabolisme van amyloïd in de hersenen en hoe het evolueert tijdens de menopauze. Amyloïd is een eiwitfragment dat een belangrijke rol speelt bij de groei van zenuwcellen en het herstellen van schade aan deze cellen. Een verhoogde vorming en verminderde afbraak van amyloïd kan de geleiding van de zenuwen beschadigen, wat de ontwikkeling van de ziekte van Alzheimer versnelt. Hormonen of anti-hormonen kunnen de afbraak of aanmaak van het amyloïd veranderen. Deze studie zal ons helpen om beter te begrijpen welke invloed vrouwelijke hormonen (oestrogeen en progesteron – als behandeling van menopauzale klachten) of anti-hormonen (als behandeling van borstkanker) hebben op het metabolisme van amyloïd.

Wie komt in aanmerking?

Vrouwen tussen 40 en 65 jaar die:

  • menopauzale klachten hebben waarvoor je substitutie wil nemen OF menopauzale klachten hebben als gevolg van de inname van anti-hormonen voor de behandeling van borstkanker
  • geen te hoge bloeddruk hebben
  • geen afwijkende schildklierfunctie hebben

Duur studie

6 maanden met in het totaal 2 bezoeken aan het ziekenhuis. De studiebezoeken gaan door op het moment van een routineconsultatie. Tijdens elk bezoek wordt er bloed geprikt en worden er enkele vragenlijsten afgenomen.

Vergoeding

Parkeerticket per studiebezoek aan het ziekenhuis.

Contact

Neem voor meer informatie over deze studie contact op met het studieteam van de afdeling Gynaecologie via tel. 09 332 07 58 of gynobs.studies@uzgent.be

Klinische studie bij vrouwen met matige tot ernstige pijn ten gevolge van endometriose

Voor deze studie (Spirit 1) zijn we op zoek naar vrouwen die matige tot ernstige endometriose geassocieerde pijn hebben tijdens de menstruaties, waarbij endometriose chirurgisch vastgesteld is. Gedurende deze studie wordt een combinatie therapie (Relugolix + hormonen) getest die oraal ingenomen wordt. De werkzaamheid van dit Relugolix is reeds getest bij vrouwen met pijn die geassocieerd werd met endometriose. In deze studie willen we de werkzaamheid van het geneesmiddel in combinatie met oestrogeen en progesteron nagaan.

Wie komt in aanmerking?

Vrouwen tussen de 18 en 50 jaar oud die:

  • in goede gezondheid zijn
  • geen gynaecologische ingreep ondergingen in de laatste 3 maand en geen gepland hebben in de komende maanden
  • niet zwanger zijn
  • geen kinderwens hebben tijdens het verloop van de studie
  • bereid zijn om tijdens de studie niet-hormonale contraceptie te nemen (dus geen pil of spiraal)

Duur studie

30 weken met min. 9 bezoeken aan het ziekenhuis. Aan het eind van de studie is er de mogelijkheid om de studiemedicatie opnieuw 28 weken te gebruiken.

Vergoeding

35 euro met een uitrijkaartje per studiebezoek

Contact

Neem voor meer informatie over deze studie contact op met het studieteam van de afdeling Gynaecologie via tel. 09 332 07 58 of gynobs.studies@uzgent.be

Klinische studie om de screening voor het humaan papillomavirus (HPV) te verbeteren

Het doel van de studie is om de juistheid van een HPV-test te bepalen op (1) een urinestaal afgenomen door de patiënt thuis voorafgaand aan een bezoek aan de polikliniek gynaecologie; (2) een vaginaal staal afgenomen door de patiënt zelf in de polikliniek gynaecologie en (3) een cervicaal staal afgenomen door een gynaecoloog. Die testen worden ook onderling met elkaar vergeleken om zo de juistheid van de test te kunnen bepalen.

De bedoeling is om na te gaan of de accuraatheid van een HPV-test op een zelf afgenomen stalen even goed is als op een cervicaal staal afgenomen door een arts.

Klinische studie naar de behandeling van terugkomende vaginale candida (schimmelinfectie)

In deze studie wordt de werking van een studiegeneesmiddel onderzocht als behandeling van vaginale schimmelinfecties. Het doel is om te onderzoeken hoe veilig het studiegeneesmiddel is, hoe goed het werkt en hoe het de levenskwaliteit beïnvloedt bij mensen met terugkerende schimmelinfecties. De huidige therapieën, zoals Fluconazol en azole geneesmiddelen, werken niet bij alle mensen en kunnen onaangename bijwerkingen veroorzaken.

In eerdere studies met het studiegeneesmiddel is aangetoond dat het goed werkt als behandeling van de schimmel die de vaginale infectie veroorzaakt en veilig en verdraagbaar is. Het doel van deze studie is om het geneesmiddel te testen bij een grotere groep patiënten.

De totale studieduur is ongeveer 50 weken, bestaande uit 11 bezoeken aan het ziekenhuis. Er wordt een vergoeding voorzien per bezoek aan het ziekenhuis.

Afdeling Gynaecologie (chirurgie)

Klinische studie naar effectieve pijnstilling tijdens een poliklinische hysteroscopie

Een diagnostische hysteroscopie (een onderzoek op de polikliniek waarbij met een camera in de baarmoeder wordt gekeken) is een frequent uitgevoerde test op de polikliniek om aandoeningen in de baarmoeder uit te sluiten. Het doel van deze studie is uitzoeken hoe werkzaam het geneesmiddel Nifedipine® is voor de behandeling van pijn tijdens een diagnostische hysteroscopie. Nifedipine® kan nog niet worden voorgeschreven als pijnmedicatie buiten dit onderzoek, maar wel voor andere indicaties zoals een hoge bloeddruk.

De werking en veiligheid van Nifedipine® vergelijken we met de werking en veiligheid van Naproxen® en met een placebo. In Nederland wordt doorgaans Naproxen® gebruikt als pijnmedicatie tijdens een diagnostische hysteroscopie. In België wordt meestal geen pijnstilling toegepast.

Klinische studie over het verwijderen van placentaresten

Placentaresten kunnen aanwezig zijn na een miskraam, het beëindigen van een zwangerschap (TOP), een vaginale geboorte of keizersnede. De meest voorkomende symptomen zijn abnormale uteriene bloedingen.

Momenteel worden placentaresten voornamelijk verwijderd via curettage, hoewel data suggereren dat hysteroscopische verwijdering een beter resultaat zou geven. In deze gerandomiseerde studie willen we het verwijderen van placentaresten met behulp van een hysteroscopische morcellator vergelijken met echogeleide vacuumcurettage.

Klinische studie naar de preventie van terugkomende verklevingen in de baarmoeder

Patiënten met verklevingen in de baarmoeder daardoor kunnen verminderd vruchtbaar zijn. De behandeling van die verklevingen is het operatief verwijderen ervan (adhesiolyse). Vaak treden er echter opnieuw verklevingen op en probeert men het risico hierop te verminderen door een zogenaamde barrière aan te brengen in de baarmoeder onmiddellijk na de operatie. Die barrière kan bestaan uit onder meer een spiraaltje, een gel of een ballonnetje. Momenteel gebruiken we in de Vrouwenkliniek van het UZ Gent een gel of een spiraaltje.

Graag willen we in deze studie evalueren of het gebruik van een intra-uterien ballonnetje een haalbaar en acceptabel alternatief vormt voor patiënten. Als blijkt dat dat zo is, zal er in de toekomst een grotere studie uitgevoerd worden om verschillende barrières na intra-uteriene adhesiolyse met elkaar te vergelijken.

Klinische studie naar de behandeling van vestibulodynie

Vulvodynie is de meest voorkomende oorzaak van dyspareünie (pijn bij het vrijen) op elke leeftijd tot bij de menopauze. Het heeft een grote impact op het seksueel en psychosociaal welzijn van vulvodyniepatiënten en hun partners. Het ontstaan is nog steeds raadselachtig en is waarschijnlijk te wijten aan verschillende factoren. Alhoewel niet als dusdanig weerhouden door de 'International Association for the Study of Pain' (IASP), vertoont vulvodynie klinisch een uitgesproken gelijkenis met neuropathische pijnaandoeningen. Een deel van de patiënten die behandeld worden, hebben onvoldoende verbetering van de symptomen.

In deze studie willen we een nieuwe behandeling ontwikkelen, nl. lipofilling. Bij lipofilling wordt lichaamseigen vetweefsel met daarin uit vet afkomstige stamcellen, verkregen via liposuctie, gebruikt om wekedelendefecten op te vullen. Lipofilling wordt sinds kort ook gebruikt om inflammatoire aandoeningen en neuropathische pijn te behandelen. In deze pilootstudie gaan we op zoek naar patiënten die reeds een vestibulectomie ondergaan hebben en er geen verbetering is van symptomen. Bij deze patiënten wordt de lipofillingtechniek voorgesteld.

Klinische studie over het verwijderen van poliepen in de baarmoeder

De hysteroscopische morcellator is gerapporteerd als een effectieve, snelle en veilige techniek voor het verwijderen van poliepen in de baarmoeder. Verbeteringen van apparaten en vernieuwingen hebben geleid tot nieuwe mechanische, motorische weefselverwijdersystemen. Echter, de ontwikkeling van apparaten gaat door en een nieuw, mechanisch handaangedreven apparaat (RESECTR® 9.0 FR), is effectief en veilig gebleken in zowel in vitro (in een labo) als in vivo (in de mens) situaties.

Deze studie bestaat enerzijds uit een gerandomiseerd gedeelte, waarbij de Truclear en Resectr morcellatorsystemen met elkaar vergeleken worden voor het verwijderen van poliepen van 8 mm en groter. Anderzijds bestaat deze studie uit een gedeelte waarbij de Resectr morcellator enkel gebruikt wordt om poliepen kleiner dan 8 mm te verwijderen.

Klinische studie naar de kosteneffectiviteit van het al dan niet toedienen van gel na een operatieve hysteroscopie voor aandoeningen in de baarmoeder bij vrouwen met een actieve kinderwens

Aandoeningen in de baarmoeder zoals een poliep, myoom, tussenschot, placentarest en verklevingen kunnen een invloed hebben op de vruchtbaarheid van de vrouw. Deze aandoeningen kunnen weggenomen worden door middel van een operatieve hysteroscopie. Een van de risico’s van een dergelijke ingreep is het ontstaan van verklevingen, die vervolgens opnieuw effect kunnen hebben op de vruchtbaarheid.

Deze studie wil de kosteneffectiviteit nagaan van het al dan niet toedienen van HYALOBARRIER® GEL ENDO na een operatieve hysteroscopie.

Klinische studie naar de verkorting van de ligduur na een hysterectomie

Deze studie bekijkt het verschil tussen patiënten die de dag van de hysterectomie (operatie om de baarmoeder te verwijderen) ontslagen worden uit het ziekenhuis en patiënten die de dag erna naar huis gaan.

Na de operatie volgen we de patiënten gedurende zes weken op via vragenlijsten. Tijdens die periode bekijken we verschillende variabelen (de kwaliteit van het herstel, angst en depressie, pijn, gebruik van pijnstillers en tevredenheid met de lengte van het ziekenhuisverblijf) om zo verschillen of gelijkenissen tussen beide groepen waar te nemen. Die zaken zullen we ingeven in CoZo, een collaboratief zorgplatform.

Baarmoedertransplantatie

De Vrouwenkliniek en het Transplantatiecentrum van het UZ Gent maken zich op voor de eerste baarmoedertransplantatie en zijn gestart met de screening van kandidaten.

Wie komt in aanmerking?

Belgische vrouwen geboren zonder baarmoeder (het zogenoemde syndroom van Mayer-Rokitansky-Küster-Hauser of MRKH) die:

  • jonger zijn dan 36 jaar
  • in goede gezondheid verkeren
  • geen chronische ziekte of chirurgische voorgeschiedenis hebben.

Vrouwen bij wie de baarmoeder om medische redenen is verwijderd, komen op dit moment nog niet in aanmerking voor een baarmoedertransplantatie in ons centrum.

Contact

Vrouwen die willen deelnemen aan de screening kunnen contact opnemen met Isabelle Stuyver, tel. 09 332 50 60.
U kunt ook een afspraak maken met de hoofdonderzoeker, prof. dr. Steven Weyers, tel. 09 332 37 83.

Afdeling Gynaecologie en Verloskunde (Oncologie)

Klinische studie over een operatie voor de behandeling van baarmoederhalskanker

Heeft uw arts u een operatie tegen baarmoederhalskanker voorgesteld waarbij een schildwachtprocedure wordt uitgevoerd? Dan willen we u graag uw toestemming vragen om deel te nemen aan deze klinische studie. Bij die operatie wordt een lymfeklier, de zgn. schildwachtklier (sentinelknoop of ‘SLN’) geïdentificeerd, verwijderd en onderzocht. Dat levert informatie op die nog tijdens de operatie ter beschikking zal zijn.

Het doel van deze studie is de betrouwbaarheid van de schildwachtklierprocedure te bevestigen. In het verleden was de verwijdering van alle lymfeklieren uit het bekken de standaardprocedure bij patiënten met een vroeg stadium van baarmoederhalskanker. De lymfeklierverwijdering uit uw onderbuik verhoogt echter het risico op complicaties tijdens de operatie, bv. letsel aan de grote bloedvaten en aan het zenuwstelsel in de onderbuik. Ze verhoogt ook het risico op complicaties na de operatie. Sommige daarvan kunnen langdurig zijn en een zware impact hebben op de levenskwaliteit, bv. lymfoedeem (gezwollen benen) en lymfecystes (het ontstaan van cystische structuren in het bekken gevuld met lymfe).

Diverse voorgaande studies tonen aan dat voor een betrouwbaar onderzoek van lymfeklieren, de verwijdering van de schildwachtklieren voldoende is, meestal 1-2 knopen aan elke kant van het bekken. Als de schildwachtklieren niet zijn aangetast door de tumor, dan is het risico dat één van de andere bekkenklieren aangetast is zeer laag (0-3%). Een zorgvuldig pathologisch onderzoek van de schildwachtklieren (pathologisch ultrastaging) door de patholoog, verhoogt daarbij nog de betrouwbaarheid van het lymfeklieronderzoek.

Het doel van de studie is na te gaan of de verwijdering van enkel de schildwachtklieren voldoende is bij de behandeling van een vroeg stadium baarmoederhalskanker en dat het niet nodig is alle overige lymfeklieren in het bekken te verwijderen.

Studieproject rond kanker en zwangerschap

Aangezien de diagnose van kanker tijdens de zwangerschap en kort daarna uiterst zeldzaam is, is er weinig geweten over de behandeling en uitkomst van moeder en kind. Deze studie wil de problematiek van kanker tijdens de zwangerschap en de periode daarna in kaart brengen om zo een beter zicht te krijgen in die problematiek en de uitkomst van moeder en kind. De studie bestaat uit verschillende deelstudies.

  • In het eerste onderzoek zullen uw medische gegevens met betrekking tot uw voorgeschiedenis, de diagnose, behandelingen en uitkomst zo nauwkeurig mogelijk geregistreerd worden aan de hand van uw medisch dossier.
  • Met de tweede studie willen we bepalen wat de emotionele noden zijn van vrouwen bij wie kanker wordt vastgesteld tijdens de zwangerschap en van hun partner. Daarnaast wordt er via een vragenlijst nagegaan hoe die vrouwen en hun partner omgaan met de moeilijkheden waarmee ze worden geconfronteerd.
  • Het doel van het derde studieonderdeel is om de tumorbiologie en -immunologie te onderzoeken en om te zien of er verschillen zijn met kankers die niet zwangerschapsgerelateerd zijn. DNA en RNA vormen het erfelijk materiaal van onze cellen. Afwijkingen in het DNA zijn belangrijk bij het kwaadaardig worden van een cel. Ook kunnen afwijkingen in het erfelijk materiaal een reden zijn waarom sommige mensen wel of juist niet op een bepaalde behandeling met anti-kankermiddelen reageren. We zullen genoomwijde genetische en epigenetische wijzigingen onderzoeken om na te kijken of tumoreigenschappen anders zijn tijdens de zwangerschap dan de eigenschappen van gelijkaardige tumoren vastgesteld kort na of buiten een zwangerschap.
  • Tot nu toe is gebleken dat verschillende soorten kankerbehandelingen tijdens de zwangerschap geen nadelige effecten hebben voor uw kind. De effecten op lange termijn zijn minder goed bekend. De vierde studie wil dan ook de ontwikkeling van uw kind op lange termijn opvolgen via een lichamelijk onderzoek, een echografie van het hart en een neurologisch onderzoek (vraaggesprek, verstandelijke mogelijkheden, motorische ontwikkeling). Er worden geen invasieve onderzoeken verricht. Deze onderzoeken gaan door in UZ Leuven. Meer info over deze studie leest u op de website van het UZ Leuven.

Afdeling Verloskunde

Bariatrische chirurgie bij vrouwen van reproductieve leeftijd

Deze studie wil een databank oprichten met gegevens over vrouwen van reproductieve leeftijd (18-45 jaar) met een geschiedenis van bariatrische chirurgie. Met die gegevens kunnen richtlijnen en aanbevelingen worden opgesteld om voortplanting en zwangerschap na bariatrische chirurgie op te volgen.

Meer info leest u op www.aurorastudy.org

Obstetrische, neonatale en langetermijnuitkomsten van dreigende vroeggeboorte

In het UZ Gent verzamelen we de gegevens van patiënten met een (dreigende) vroeggeboorte. Die database bevat zowel gegevens uit het verloskundig dossier als korte- en langetermijngegevens van te vroeg geboren kinderen. We hopen daarmee het beleid voor te vroeg geboren kinderen te optimaliseren.

De pathofysiologie van preterme arbeid is nog niet volledig doorgrond. Daardoor zijn preventiestrategieën ontoereikend. Vaak worden patiënten puur op basis van symptomatologie behandeld. Dat leidt tot onnodige hospitalisatie en overbehandeling, met mogelijke negatieve gevolgen voor het kind. Daarom wil dit project een predictiemodel ontwikkelen over vroeggeboorte met behulp van ‘machine learning’ en causale statistiek gebaseerd op patiëntendata van het UZ Gent, expertenkennis en beschikbare evidentie. Na finalisatie van het predictiemodel, zal een beslissingsondersteunend model worden gemaakt dat voorziet in een geïndividualiseerde aanpak, de korte- en langetermijnuitkomsten van het kind in acht nemend.

Belgian Obstetric Surveillance System (B.OSS)

Het Belgian Obstetric Surveillance System (B.OSS) is een registratie- en evaluatiesysteem voor zeldzame ernstige obstetrische complicaties en aandoeningen in België. B.OSS wil de kwaliteit en veiligheid van de obstetrische zorg evalueren en waar mogelijk verbeteren door het meten van de ernstige maternale morbiditeit en maternale near-miss. B.OSS volgt hierin het voorbeeld van het UK Obstetric Surveillance System (UKOSS).

Het verzamelen van gegevens gebeurt prospectief en actief, door een maandelijkse oproep aan alle Belgische materniteiten. Voorts wordt bij een aangemelde casus een gedetailleerde vragenlijst ingevuld. Die methodologie garandeert een minimum aan vals positieve en vals negatieve inclusies. Via www.b-oss.be werkt B.OSS webgebaseerd sinds augustus 2013, met een verbetering van de werklast voor de deelnemers en het team en van de anonimiteitsgarantie.

De methodologie van UKOSS werd overgenomen door diverse landen, die zich verenigd hebben onder de noemer International Network of Obstetric Survey System (INOSS). INOSS maakt vergelijkende studies tussen landen mogelijk, alsook studies van uitzonderlijk zeldzame complicaties.

B.OSS bestudeerde sinds 2012 de gevallen van uterusruptuur (2012-2013), van peripartum hysterectomie of arteriële embolisatie (2012-2013), eclampsie (2012-2014), spontaan hemoperitoneum in de zwangerschap (2015-2017), anafylaxie in de zwangerschap (2015-2017) en antenatale longembolen (2015-2018).

ExPECT - Early detection of pregnancy complications testing

Deze studie onderzoekt of zwangerschapscomplicaties vroegtijdig kunnen opgespoord worden, wat een preventieve aanpak mogelijk zou maken.

Wie komt in aanmerking?

Voor deze studie komen alle zwangere vrouwen in aanmerking die op consultatie komen of worden opgenomen op de Maternal Intensive Care unit (MIC) in de Vrouwenkliniek van het UZ Gent.

De mogelijke deelnemers zullen worden aangesproken door hun behandelende gynaecoloog of vroedvrouw.

Zwangere vrouwen komen niet in aanmerking voor de studie als ze:

  • doorverwezen worden omwille van een ernstige afwijking bij het kind
  • een orgaantransplantatie hebben ondergaan
  • minder dan 3 maanden geleden een bloedtransfusie kregen
  • kanker hebben

Van de deelnemers nemen we bij elke consultatie bloed af. Dat gebeurt op de polikliniek Verloskunde of op de MIC-afdeling.

Voor elk bezoek aan het ziekenhuis is een gratis parkeerticket voorzien.

Zorgcentrum na seksueel geweld

Een beter begrip van de mechanismen, aard, omvang en impact van seksueel geweld bij vrouwen, mannen en transgenders met verschillende seksuele oriëntaties en legale statussen in België

Seksueel geweld (SG), gaande van intimidatie tot groepsverkrachting, is ook in België een ernstig gezondheidsprobleem met juridische en maatschappelijke gevolgen. Het globale doel van de studie is om de mechanismen, de aard, de omvang en de impact van SG bij vrouwelijke, mannelijke en transgender slachtoffers en hun vrienden, familie, kinderen, hulpverleners en de gemeenschap in België in kaart te brengen. Dat moet resulteren in de ontwikkeling van beleidsaanbevelingen en preventieve en hulpverleningsstrategieën.

De inhoud van deze pagina werd samengesteld door de betrokken dienst(en). Laatste update: 15-5-2019 10:41.