​Radioprotectie

Op de dienst Radiologie sporen we letsels en aandoeningen in het lichaam op. Daarvoor maken we gebruik van verschillende beeldvormingstechnieken op basis van:

Schadelijk of niet?

Bij medisch gebruik van echografie of MRI-scan zijn er geen schadelijke effecten.

Met röntgenonderzoek, mammografie en CT-scan moet zuinig worden omgesprongen. De onderzoeksmethode is evenwel onontbeerlijk om vroegtijdig goed- of kwaadaardige letsels of breuken in het lichaam op te sporen.

Geeft u borstvoeding? Dan moet u dat wel altijd melden als u een MRI-scan moet ondergaan. Het contrastmiddel voor een MRI-scan kan schadelijk zijn voor uw kind. Contrastmiddel bij een CT-scan is niet schadelijk.

Röntgenstralen

Röntgenstralen of x-stralen zijn elektromagnetische stralen. Voor een radiologisch onderzoek worden ze opwekt door een röntgenbuis. Die buis stuurt enkel stralen uit op het ogenblik dat de röntgenfoto wordt gemaakt of de CT-scanner in werking is.

De röntgenstralen gaan door het lichaam. Ze weerkaatsen op de verschillende organen en beenderen in het lichaam die ze afgezwakt terugsturen, naargelang het soort orgaan, weefsel of bot. De computer vangt die signalen op en vormt zo een beeld van het onderzochte lichaamsdeel.

Bij een röntgenonderzoek van de longen, bijvoorbeeld, kunnen de röntgenstralen makkelijk door de lucht in de longen en worden ze zwart afgebeeld op de longfoto. Het skelet houdt de stralen dan weer tegen. Dat geeft een witte afdruk op de foto.

Vroegtijdig letsels of breuken opsporen

Dankzij een röntgenonderzoek kan de radioloog achterhalen of in het lichaam goed- of kwaadaardige letsels aanwezig zijn. De radiologische techniek laat toe om vroegtijdig ernstige ziektes of breuken op te sporen.

Zo laag mogelijke stralingsdosis

Röntgenstraling hebben ook een nadelig effect op het lichaam. Ze kunnen bij veelvuldig gebruik biologische schade toebrengen. Enkel bij heel hoge dosissen is er direct gevaar.

Patiënten die een röntgenonderzoek in het UZ Gent ondergaan, hoeven zich geen zorgen te maken. We monitoren elke toediening (stralingsdosis). Elke dosis is ingesteld volgens het ALARA-principe: As Low As Reasonably Achievable, of 'een zo laag mogelijke dosis voor een goede diagnose'. Zo houden we schade door röntgenstralen beperkt.

De apparatuur waarmee we röntgenfoto's maken, behoort tot de meest recente en laat ons toe hoogkwalitatieve beelden te maken met een lage stralingsdosis. Zo is de stalingsdosis bij een röntgenfoto van de borstkas niet groter dan de straling die u binnenkrijgt op een vlucht van Europa naar de Verenigde Staten. Röntgenstralen zijn namelijk ook aanwezig in de natuur, en sterker op grote hoogtes.

ALARA betekent ook dat alleen gespecialiseerde medewerkers met straling mogen werken en dat de apparatuur regelmatig wordt gecontroleerd.

De noodzakelijkheid van röntgenonderzoeken is onderworpen aan duidelijke regels om patiënten niet nodeloos bloot te stellen aan röntgenstraling.

Zwanger of borstvoeding

We nemen extra maatregelen als u zwanger bent. Een ongeboren baby is immers gevoeliger aan röntgenstraling. Informeer dus zeker altijd de verpleegkundige vooraf als u (mogelijks) zwanger bent.

Röntgenstralen hebben geen negatieve invloed op de borstvoeding.

Meer info over straling vindt u op de website van het Federaal Agentschap voor Nucleaire Controle.

De inhoud van deze pagina werd samengesteld door de betrokken dienst(en). Laatste update: 26-6-2018 14:18.