Alle solide tumoren

Regelmatig komt er een plaats beschikbaar in een studie die open staat voor een brede populatie van patiënten die lijden aan een lokaal gevorderde of metastatische solide tumor. Deze sloten staan open voor patiënten waarbij de standaardbehandelingen uitgeput zijn.

A2A-004
  • .Behandeling met Inupadenant, een orale adenosine A2a receptor antagonist, in monotherapie.

AMG 20190136
  • .Behandeling met AMG 994 (een mesotheline-afhankelijke CD40 agonist) in combinatie met AMG 404  (een anti-PD1 monoclonaal antilichaam).
  • Inclusie van volgende tumortypes: epitheloid mesothelioom, pancreascarcinoom,ovariumcarcinoom,  oesophaguscarcinoom,maagcarcinoom,cholangiocarcinoom, colorectaalcarcinoom, cervixcarcinoom, endometriumcarcinoom, mammacarcinoom en NSCLC (niet plaveiselcel)
Alle solide tumoren: doelgerichte therapie 

Deze studies staan open voor elk type tumor, op voorwaarde dat er bepaalde genetische afwijkingen aanwezig zijn in de tumor.

RAGNAR - Erdafitinib bij FGFR mutaties/fusies
  • Behandeling met Erdafitinib (FGFR inhibitor)
  • Patiënten komen in aanmerking vanaf de leeftijd van 12 jaar
  • Indien tumor met gekende FGFR mutatie / fusie:
    • Elke solide tumor komt in aanmerking, mits het om een significante mutatie/fusie gaat zoals gedefinieerd in het studieprotocol.
    • Uitzondering: patiënten met urotheelceltumoren komen niet in aanmerking. 
Indien tumor zonder gekende FGFR mutatie / fusie:
    • Indien patiënt aan één van onderstaande tumortypes lijdt, kan er een FoundationOne analyse uitgevoerd worden binnen het kader van de studie. Het rapport wordt sowieso beschikbaar gesteld van de verwijzend arts.
      • Het gaat om: glioblastoom,low-gradeglioom, plaveiselcelcarcinoom van het hoofd-hals gebied, soft tissue sarcomen, cholangiocarcinoom, endometriumcarcinoom, cervixcarcinoom, ovariumcarcinoom, plaveiselcel NSCLC, renaalcelcarcinoom, slokdarmcarcinoom, maagcarcinoom, borstcarcinoom (enkel ER en/of PR+), hepatocellulair carcinoom, pancreascarcinoom, speekselkliertumoren, colorectaal carcinoom, enthymoom/thymus carcinoom. 
      • Ook elke pediatrische patiënt die lijdt aan een solide tumor kan geprescreend worden
    • Bovenstaande pre-screening is al mogelijk tijdens de laatste lijn behandeling, zodat het resultaat gekend is tegen de tijd dat patiënt “uitbehandeld” is.
INCB86550-102- PD-L1 inhibitie bij geselecteerde tumortypes
  • Behandeling met INCB086550, een small-molecule PD-L1 inhibitor
  • Inclusie van patiënten die lijden aan één van de volgende tumortypes:
    • Viraal geïnduceerde tumoren zoals HPV of EBV positieve tumoren, ongeacht de lokalisatie.
    • MSI-High tumoren, ongeacht de histologie
    • Plaveiselcelcarcinoom van de huid, basaalcelcarcinoom van de huid, of merkelcelcarcinoom.
    • Andere tumortypes met hoge kans op respons op anti-PD-L1, na goedkeuring door de medical monitor.
  • Patiënten mogen nog niet behandeld zijn met een anti-PD-L1 behandeling (andere immunotherapie, incl. anti-PD1, kan in bepaalde omstandigheden aanvaard worden na overleg).

PRECISION 2 - Afatinib

  • Staat open voor elke solide tumor op voorwaarde dat er een activerende EGFR mutatie is of een mutatie van HER2 of HER3 (VUS zijn toegestaan).
    • Uitzondering: patiënten met NSCLC met een EGFR mutatie, gezien afatinib al op de markt is voor deze indicatie.
  • De behandeling bestaat uit Afatinib.
  • Inclusie vereist falen van minstens één lijn standaard systemische therapie. 
Dit betreft een studie die loopt bij onze collega’s van de dienst medische oncologie.
Voor specifieke informatie omtrent deze studie kunt u contact opnemen met prof. dr. Sylvie Rottey (sylvie.rottey@ugent.be) of mevr. Lore Vansteelant (lore.vansteelant@uzgent.be).

PRECISION 2 - Olaparib

  • Staat open voor elke solide tumor op voorwaarde dat er een mutatie is (kiemcel of somatisch) in
    één van volgende HR genen: ATM, BARD1, BRCA1/2, BRIP1, CDK12, CHEK1, CHEK2,
    FAM175A, FANCL, MRE11A, NBN, p53 (enkel germline), PALB2, PPP2R2A, RAD50, RAD51B,
    RAD51C, RAD51D, en RAD54L. 
    Patiënten met mutaties in andere genen waarvoor er preklinisch bewijs van HRD is wanneer gemuteerd, kunnen worden overwogen na goedkeuring door de hoofdonderzoekers.
    • Komen niet in aanmerking: 
      • Patiënten met ovariumcarcinoom met HRD.
      • Patiënten met borst-, prostaat, of pancreaskanker met een BRCA1/2 mutatie.
  • De behandeling bestaat uit Olaparib, een PARP-inhibitor.
  • Er hoeft geen progressieve ziekte te zijn op moment van inclusie.
  • Aanwezigheid van minstens 1 letsel (meetbaar of niet-meetbaar) dat accuraat kan beoordeeld worden.
Dit betreft een studie die loopt bij onze collega’s van de dienst medische oncologie.
Voor specifieke informatie omtrent deze studie kunt u contact opnemen met prof. dr. Sylvie Rottey (sylvie.rottey@ugent.be) of mevr. Lore Vansteelant (lore.vansteelant@uzgent.be).